Warhammer: Enemy Within the Eusterpark !

Vanaf Altdorf naar Bogenhaven.
02- Uit het dagboek van Fritz

De reis op de boot was zeer interessant en bovendien ben ik heel blij om weer samen met al mijn broers te zijn!
We komen in Bogenhaven en de stad wemelt van mensen, reizigers en kooplieden, aangetrokken door de stadsmarkt:
het Schaffen Feest! Overal zijn er kraampjes waar van alles te koop is zoals wapens, kleding, vee, paarden, wijnen en voedsel. Er zijn veel jongleurs, worstelaars, talmers van beesten en er worden vele shows georganiseerd.
We genieten van het feest tot het moment dat we een dwerg tegenkomen. Hij vertelt dat de vindplaats van een grote schat weet en wil ons in ruil voor een biertje de schuilplek wel verklappen. Maar het is een smoesje, want hij doet niets anders dan ons geld uit te geven aan liters bier; dronkenlap. Daarna besef ik dat hij mijn geld ook heeft gestolen, die klote dwerg!
Ondertussen is er bij één van de shows een goblin (of zo iets) weggevlucht. De burgemeester van de stad heeft een geldprijs aangeboden voor degene die erin slaagt om hem te vangen. Uitgehongerd als we zijn laten we deze kans niet lopen en we bieden aan om op het “groene ding” te jagen. Het blijkt dat de goblin zich in de riolering heeft verschuilt,…wat een plezierige plek heeft die kleine bastaard gekozen. Helaas lukt het ons niet om hem te pakken en we duiken letterlijk in de stront in een poging hem te pakken. In de kanalen van de riolen vinden we een deur die leidt naar een kamer die er heel eng en raar uitziet. Het enige pluspunt van dit alles is dat we uiteindelijk het levenloze lichaam van de klote dwerg vinden.
Eenmaal uit het riool worden we zelfs gevangen genomen met een belachelijke beschuldiging, maar kort daarna zijn we weer vrij. Helaas hebben we nog steeds geen geld, maar zijn we wel een strontgeur rijker. Het ziet er niet best uit voor ons.
Het wordt alleen maar erger, want ‘s nacht worden we op de boot aangevallen door een groep misdadigers. We vermoorden hen en vinden tot overmaat van ramp een brief in een zak van een van hen een brief waarin staat dat het document van de dode reiziger nep was. Helaas ligt er geen geld op ons te wachten in Bogenhaven.
Door deze puinhoop hebben we toevallig ontdekt dat de plaatselijke gilde de handel wil gaan monopoliseren. Het feit dat we iets groot hebben ontdekt wordt bevestigd door een aantal vreemde ontmoetingen en door het feit dat we de hele tijd worden achtervolgd.

View
Op reis om avonturiers te worden
01-Uit het dagboek van Fridhelm.

En onverwacht ontmoeting en een nieuwe bestemming.
We zitten in een herberg en lezen een folder waarin naar avonturiers wordt gezocht voor een gevaarlijke missie. Ja gevaarlijk, maar we kunnen er wel 20 kronen per dag mee verdienen. We besluiten om mee te doen aan deze avontuurlijke expeditie die vanaf Altdorf zal vertrekken.bold_adventureres.png
Wij zijn vier broers, allemaal met dezelfde moeder maar van verschillende vaders. Ugo, de oudste (ongeveer 28 jaar), werkt als huurling. Hij is de sterkste van ons met de meeste ervaring in het vechten en heeft aan veel veldslagen meegedaan. Ik zelf, Fridhelm (21 jaar oud), ben de enige die het geluk heeft gehad om te kunnen studeren. Daarom kan ik schrijven en antieke teksten lezen. Hubert, 17 jaar oud, werkt als grafrover. Maar hij schroomt ook niet om de ongelukkigen die nog niet begraven zijn van hun bezittingen te ontdoen. Tenslotte is er de jonge Wilhelm (14 jaar) een kleine en wendbare muilezelrijder. Hij is dan misschien niet de grootte en meest angstaanjagende, wel is hij in staat om de keel van een vijand in een handomdraai door te snijden!
Tijdens onze reis naar Altdorf helpen we een reiziger die wordt aangevallen door mutanten. Wij doden deze wezens, maar voor de reiziger is het te laat. We zijn ontzettend verbaast dat de man wel erg veel op mij lijkt! De dode man draagt enkele documenten bij zich en in één daarvan staat dat hij een grote som geld in de stad Bogenhaven moet afhalen.
Eenmaal in Altdorf aangekomen zijn we verbaast door de pracht van de Imperiale stad. We lopen naar het paleis van de prins, maar daar blijkt dat we te laat zijn en dat de expeditie al lang vertrokken is.
We hebben onze kans gemist. Wat we wel zouden kunnen doen is naar Bogenhaven reizen om daar te checken of wij de som geld kunnen bemachtigen. In de haven ontmoeten we een schipper die ook een oude vriend van de familie is: Jozef Quartin. Wat een geluk dat we Jozef ontmoeten, want hij is bereid om ons op zijn boot naar Bogenhaven te brengen. We moeten hem wel helpen met het navigeren naar de stad.
In een taverne eten we iets tot we worden lastiggevallen door een groep dronken edelenmannen, arrogante klootzakken. Wilhelm verliest zijn geduld en doodt één van hen, zo snel dat niemand de tijd heeft om een ​​woord te zeggen! In een ogenblik ligt de arrogante kerel in een bloedplas op de grond met een dolk door zijn keel!! De situatie is zeer ernstig!! Voor de moord van een edelman hebben wij als arme drommels niet veel hoop op vrijspraak! Dus hebben we geen andere optie dan weg te rennen.
Een geluk bij een ongeluk is het feit dat wij onze broer Fritz ontmoeten, waarvan wij geen nieuws meer hebben vernomen sinds hij werd gedwongen uit ons dorp weg te vluchten. Fritz is 19 jaar en is mijn echte broer, want we hebben het zelfde vader. Fritz werkt als Bawd en biedt zijn kennis van de donkere kant van Imperiale stad aan de edelen die op zoek zijn naar een beetje lol in de stad. Er zijn in Altdorf maar weinig plekken die hij niet kent. Gelukkig voor ons, want Fritz leidt ons door de straatjes en steegjes van de stad en zonder problemen bereiken we de boot van Jozef. Geraakt door deze onverwachte ontmoeting besluit Fritz om met ons te gaan en de volgende ochtend zetten we koers richting Bogenhaven.

View

I'm sorry, but we no longer support this web browser. Please upgrade your browser or install Chrome or Firefox to enjoy the full functionality of this site.